Analyse op de Vlaamse werkbaarheidsmonitor 2007-2016: samenvatting

Meer dan andere werknemers worden mensen met een arbeidshandicap in hun job geconfronteerd met werkstress, motivatieproblemen, een gebrek aan leermogelijkheden of problemen om werk en privé in balans te houden. Dat blijkt uit het onderzoeksrapport van de Stichting Innovatie & Arbeid die om de drie jaar de kwaliteit van de jobs in Vlaanderen in kaart brengt.

stichting innovatie en arbeid logo

 

 

Slechts twee op de tien werknemers met een zware arbeidshandicap heeft werkbaar werk

Amper 21,2% van de werknemers met een zware arbeidshandicap heeft een werkbare job. Bij werknemers met een beperkte arbeidshandicap is dat 36,2%, voor werknemers zonder arbeidshandicap 54,7%.

Werkbaarheidsknelpunten bij werknemers zonder arbeidshandicap en werknemers met een beperkte of zware arbeidshandicap, 2016

Het aandeel van de werknemers met een zware arbeidshandicap dat kampt met werkstressproblemen of motivatieproblemen is dubbel zo hoog als bij werknemers zonder arbeidshandicap. Voor leermogelijkheden en werk-privébalans is het contrast nog sterker. Ook de jobs van de werknemers met een beperkte arbeidshandicap scoren duidelijk problematischer dan deze van hun collega’s zonder arbeidshandicap.

Werknemers met een arbeidshandicap vaker slachtoffer van ongewenst seksueel gedrag en pestgedrag op het werk.

Een aantal andere interessante vaststellingen uit het rapport over werknemers met een arbeidshandicap:

  • Een beduidend groter aandeel werknemers met een arbeidshandicap werd het slachtoffer van ongewenst seksueel gedrag. Terwijl 2% van de werknemers zonder arbeidshandicap (sporadisch of regelmatig) geconfronteerd werd met ongewenst seksueel gedrag, was dat 3,7% bij de werknemers met een beperkte arbeidshandicap en 7,6% bij werknemers met een zware arbeidshandicap.
  • Ook het aandeel dat slachtoffer werd van pestgedrag ligt veel hoger bij werknemers met een arbeidshandicap. 7,5% van de werknemers zonder arbeidshandicap werd geconfronteerd met pestgedrag terwijl dat bij werknemers met een beperkte arbeidshandicap 15,7% was en 17,9% bij werknemers met een zware arbeidshandicap.
  • 44,3% van de werknemers met een zware arbeidshandicap heeft routinematig werk. Bij de werknemers met een beperkte arbeidshandicap is dat 31,5% en bij de werknemers zonder arbeidshandicap 22%.
  • 27,8% van de werknemers met een zware arbeidshandicap krijgt onvoldoende steun van de directe leiding. Bij de werknemers met een beperkte arbeidshandicap is dat 19,2% en bij de werknemers zonder arbeidshandicap 13%.
  • 43,5% van de werknemers met een zware arbeidshandicap en 52,8% van de werknemers met een beperkte arbeidshandicap namen in de loop van één jaar deel aan een bijscholing of bedrijfstraining. Voor werknemers zonder arbeidshandicap ligt dit cijfer op 59,2%.

Volledige tekst van het rapport (met dank aan de collega’s van de Stichting Innovatie en Arbeid)

%d bloggers liken dit: