HIV

HIV en Arbeid

INHOUD

1 Inleiding

2 Onbekend is onbemind

3 Wat is het verschil tussen HIV en AIDS?

4 Antwoorden op de meest prangende vragen

41 Heeft HIV impact op de tewerkstelling?

42 Kunnen mensen met HIV nog werken?

43 Kan je mensen met HIV herkennen?

44 Zijn werknemers vaak afwezig wegens ziekte?

45 Wat als de gezondheid van de werknemer met HIV achteruitgaat?

46 Wat te doen bij ongevallen op de werkvloer

47 Zijn er situaties waarin andere personeelsleden een risico lopen op HIV-besmetting?

5 Meer informatie?

1 Inleiding

Iemand in een rolstoel of iemand die blind is, heeft een duidelijke, zichtbare handicap. Deze personen komen naar alle waarschijnlijkheid ook in aanmerking voor één of meerdere bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregel(en). Bereidwillige werkgevers zien wat er aan de hand is en kunnen hierop inspelen.

Daarnaast zijn er tal van handicaps die onzichtbaar en ook vaak minder bekend zijn, bijvoorbeeld een aantal chronische en psychische aandoeningen. Personen met chronische en psychische problemen hebben vaak niet de behoefte om hun handicap kenbaar te maken. Bovendien is het vaak zeer moeilijk om uit te leggen wat hun handicap precies inhoudt en wat hun specifieke noden zijn.

Tot deze groep behoren mensen met een chronische of psychische ziekte. Als deze groep hun handicap al kenbaar wil maken, dan is het voor hun zeer moeilijk om duidelijk in kaart te brengen wat hun handicap precies inhoudt en wat hun noden zijn. Dure arbeidspostaanpassingen zijn hier doorgaans minder nodig. Je komt al ver met enige flexibiliteit van de werkgever en door een constructieve dialoog op te bouwen.

HIV is een voorbeeld van een onzichtbare, ernstige ziekte. Toch kan je met HIV ook (blijven) werken! Dit zal blijken doorheen dit dossier! In dit dossier worden antwoorden gegeven op alle prangende vragen die men zich kan stellen: kunnen mensen met HIV nog werken? Zijn deze werknemers vaker ziek? Kan je mensen met HIV herkennen? Wat als de gezondheid achteruitgaat? Zijn er situaties waarbij collega’s, leveranciers of klanten een risico lopen op HIV-besmetting?

Als consulent kan je dit dossier gebruiken om werkgevers een ruimere kijk te bieden op ‘arbeidshandicap’. Ook mensen met HIV kunnen in aanmerking komen voor een bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregel.

Kent u iemand met HIV? Elke dag krijgen in België gemiddeld drie mensen te horen dat ze drager zijn van HIV. Het virus raakt vooral mensen uit de actieve bevolkingsgroep in de leeftijdsklasse van 20 tot 45 jaar. De meeste van hen zijn werknemers. De groep ‘werknemers met een arbeidshandicap’ is dus ruimer dan enkel werknemers met een fysieke, sensoriële of verstandelijke handicap.

2 Onbekend is onbemind

Voorbeeld: Mark, een bediende van 43 jaar, is al 9 jaar seropositief.
Mark: “ Ik ben ondertussen al negen jaar positief en ik was altijd bang dat men er op het werk zou achterkomen. Toen ik vorig jaar met medicatie startte en ik ook op het werk pillen moest nemen, raakte ik steeds meer gestresseerd. De gedachte om ‘ontdekt’ te worden, spookte almaar door mijn hoofd.

Onlangs zag ik hoe correct men op de firma omging met de situatie van een collega die na een zwaar ongeval invalide werd. Ons afdelingshoofd zorgde voor de nodige aanpassingen om haar terug zo goed mogelijk te laten functioneren. Toen raapte ik mijn moed bij elkaar en lichtte mijn werkgever in. We hadden een heel open gesprek. Het werd mij duidelijk dat de firma samen met mij zou zoeken naar oplossingen als er zich op termijn problemen zouden stellen. Ik voel me opgelucht en ben sindsdien veel energieker. Pas nu merk ik hoe verlammend mijn angst en stress waren. En voor wat de toekomst betreft, weet ik dat ik , moest het nodig zijn, op mijn baas kan rekenen om te doen wat binnen de mogelijkheden van het bedrijf ligt om mij aan het werk te houden.”

Taboes, vooroordelen en onjuiste of onvolledige informatie over het besmettingsrisico en de toekomstperspectieven voor mensen met HIV kunnen leiden tot angst, onzekerheid, onbegrip en afwijzing van anderen. Mensen met HIV proberen hun infectie dan ook vaak zo lang mogelijk verborgen te houden voor anderen, zeker op de werkvloer.

Uit een recent onderzoek bij seropositieven blijkt dat slechts drie procent hun diagnose aan iedereen kenbaar maakt. Geen wonder dus dat de meeste mensen niemand met HIV blijken te kennen.

Zolang er echter geen dialoog worden opgezet en de mensen zelf hun diagnose verzwijgen, zullen de taboes blijven bestaan. Sensoa, de expert in Vlaanderen op vlak van seksuele gezondheid en HIV, heeft daarom een HIV-beleid ontwikkeld wat de werkgever kan gebruiken om HIV bespreekbaar te maken binnen zijn organisatie. Meer informatie en bronnen vind je op het einde van dit dossier.

3 Wat is het verschil tussen HIV en AIDS?

HIV is een letterwoord voor Human Immunodeficiency Virus. Het virus tast de immuniteit aan en veroorzaakt op termijn aids.

AIDS is een letterwoord voor Acquired Immune Deficiency Syndrome. Het is een verzameling van symptomen die kunnen ontstaan door de extreme verzwakking van het afweersysteem als gevolg van een HIV-infectie. Zonder behandeling duurt het gemiddeld tien jaar vooraleer een HIV-infectie tot het aidsstadium leidt.

HIV wordt overgedragen door onveilig seksueel contact of bloed-bloed contact (intraveneus druggebruik of bloedtransfusie). Een seropositieve moeder kan de infectie doorgeven aan haar kind tijdens de zwangerschap, de bevalling of via de borstvoeding. Bij gewoon sociaal contact is er geen gevaar voor besmetting.

Een HIV-infectie kan niet worden genezen. De ontwikkeling van aids kan wel worden afgeremd door medicijnen. Meestal wordt met medicatie gestart vooraleer iemand in de aidsfase terechtkomt en er zich aidsgerelateerde infecties voordoen.

4 Antwoorden op de meest prangende vragen

41 Heeft HIV impact op de tewerkstelling?

HIV kan de immuniteit van de drager aantasten en kan onrechtstreeks ook hun psychische en emotionele draagkracht op de proef stellen. Er rust immers een taboe op HIV dat nog versterkt wordt door vooroordelen en negatieve beeldvorming. Onvoldoende of onjuiste informatie over HIV in al zijn aspecten, vormt de ideale voedingsbodem voor onzekerheid, angst en soms paniekreacties.
Daardoor zullen mensen met HIV eerder hun infectie verzwijgen dan kenbaar te maken. In een later stadium, wanneer de ziekte meer impact krijgt op hun gezondheidstoestand en beroep gedaan moet worden op redelijke aanpassingen, zullen ze hun diagnose alsnog kenbaar moeten maken.

Ondernemingen zijn niet verplicht om mensen met een HIV-besmetting te werk te stellen.
Mensen om die reden niet aanwerven of ontslaan, is dan weer verboden.
Je kan als werkgever geen hiv-tests opleggen, en mag zelfs niet vragen of iemand drager is van het virus.

De seropositieve medewerker kiest zelf of hij z’n ziekte kenbaar maakt. Licht een medewerker z’n manager in, dan mag die dit niet zonder z’n expliciete toestemming met iemand anders bespreken.

42 Kunnen mensen met HIV nog werken?

Werknemers met HIV kunnen tegenwoordig vaak gewoon blijven functioneren. Iemand die drager is van HIV hoeft helemaal niet ziek te zijn en hoeft dit ook niet onmiddellijk te worden. Seropositieven kunnen zonder medicatie tot tien jaar (en zelfs meer!!) vrij zijn van symptomen en klachten.

De combinatietherapie, een combinatie van verschillende HIV-remmende medicijnen, stelt hen in staat om bij enige achteruitgang van hun gezondheid, toch nog hun normale werkzaamheden verder te zetten.

In een vergevorderd stadium van de infectie kunnen mensen met HIV geconfronteerd worden met tijdelijke of blijvende arbeidsongeschiktheid. De immuniteitsstoornis maakt hen immers vatbaar voor allerlei infecties. De meeste van deze infecties zijn echter goed behandelbaar. Voor mensen die door een chronisch gezondheidsprobleem blijvend minder presteren, kan de werkgever rekenen op een compensatie van de overheid.

43 Kan je mensen met HIV herkennen?

In principe kan je mensen met HIV niet herkennen. Werknemers met HIV zien er zelden ziek uit. Zelfs wanneer er in de aidsfase zichtbare symptomen optreden, worden deze bijna nooit als dusdanig herkend. Het zijn immers klachten die vaak aanwezig zijn in situaties waarbij van HIV geen sprake is.

Het enige wat eventueel zou kunnen opvallen als ze gestart zijn met de combinatietherapie is de inname van hun medicatie die meermaals per dag, op vaste momenten moeten gebeuren. Uiterlijk is dus in principe niets waarneembaar.

44 Zijn werknemers vaak afwezig wegens ziekte?

Werknemers met HIV zijn niet noodzakelijk vaker ziek dan anderen. De belangrijkste oorzaak van afwezigheid van mensen met HIV is niet te wijten aan ziekte, maar aan medische opvolging. De afwezigheden door deze consultaties zijn beperkt. Meestal gebeurt er éénmaal om de drie maanden een bloedonderzoek ter preventie.

Het starten van nieuwe therapie kan bij sommige mensen de eerste twee tot twaalf weken nevenwerkingen teweegbrengen waarbij een tijdelijke beperking van de arbeidsgeschiktheid kan ontstaan.

HIV kan wel voor afwezigheid zorgen wanneer de voorgeschreven therapie niet werkt of wanneer er resistentie optreedt voor een bepaald medicijn.

45 Wat als de gezondheid van de werknemer met HIV achteruitgaat?

Als de HIV-infectie op termijn de gezondheid van de werknemer aantast en beperkingen met zich meebrengt, kan de nood ontstaan om bepaalde aspecten van de werksituatie hierop af te stemmen.

Het verloop van een HIV-infectie verschilt van mens tot mens. Dus ook de aanpassing die iemand nodig kan hebben om goed te (blijven) functioneren, kan variëren van individu tot individu en van werksituatie tot werksituatie.

Aanpassingen kunnen materieel of immaterieel van aard zijn, tijdelijk of permanent. Een geschikte aanpassing moet ook redelijk zijn. Ze mag geen onevenredige belasting vormen voor de werkgever. Aanpassingen voor werknemers met HIV zijn meestal kosteloos en immaterieel van aard: aanpassing van het werkschema, arbeidsduurvermindering, aanpassing van de jobinhoud, flexibele werkuren, afschaffen onregelmatige diensturen,…

Voorbeeld 1: Sandra, een bediende van 41 jaar, is 15 jaar seropositief. Sandra: “Het werd voor mij erg zwaar om me acht uur per dag op het werk te concentreren. Ik voelde dat ik op het einde van de dag niet meer zo alert was. Met mijn werkgever kwam ik overeen dat ik elke dag een uurtje vroeger kan stoppen. Sindsdien voel ik mij opnieuw een productief medewerker.”

Soms hebben mensen met HIV niet de energie om voltijds aan het werk te blijven. De mogelijkheid om minder uren per dag te presteren of minder dagen per week te werken, biedt hen de gelegenheid om ondanks hun beperking toch kwaliteitsvol werk af te leveren en geen productiviteitsverlies te veroorzaken.

Voorbeeld 2: Marcel is een bouwvakker van 39 jaar en 12 jaar seropositief. Marcel: “Op de firma zijn ze sinds enkele jaren op de hoogte van mijn serostatus. Onlangs heb ik mijn baas verteld dat de zware fysieke arbeid op de werf mij te zwaar begint te worden. Hij gaat nu bekijken of ik met mijn expertise iets anders kan doen. Ikzelf vind dat ik redelijk goed kan organiseren en zie mezelf wel als werfleider. Dat zou alvast iets minder fysiek belastend zijn en mits een cursus leidinggeven zie ik dat wel zitten. Ik wacht nu af wat mijn baas me zal voorstellen.”

Sommige mensen met HIV die zware fysieke arbeid moeten leveren, slagen er niet meer in om zich in deze job te handhaven. Voor mensen in deze situatie bestaan een aantal mogelijkheden: heroriëntatie naar een fysiek minder belastende functie of aanpassing van het arbeidsritme.

46 Wat te doen bij ongevallen op de werkvloer

Bij een arbeidsongeval is het noodzakelijk de algemeen geldende voorschriften omtrent hygiëne en veiligheid te hanteren. Een correcte toepassing volstaat om besmetting met alle bloedoverdraagbare aandoeningen te voorkomen, dus ook HIV. Een EHBO-verantwoordelijke hoeft dus niet op de hoogte te worden gebracht van de serostatus van een werknemer met HIV.
Elk slachtoffer dient te worden behandeld volgens de universele preventiemaatregelen en in dat geval is risico op overdracht van HIV uiterst klein. Angst voor mogelijke besmetting mag een EHBO-interventie niet in de weg staan.

47 Zijn er situaties waarin andere personeelsleden een risico lopen op HIV-besmetting?

Het grootste deel van de werksituaties houdt geen risico in op overdracht van HIV. De kans dat HIV via beroepsactiviteiten wordt overgedragen is zeer klein en mee afhankelijk van de genomen maatregelen.

In de meeste tewerkstellingssituaties komt men niet in contact met bloed van andere personen en is de overdracht van HIV onmogelijk. Voornamelijk in de gezondheidszorg is er risico, maar dit risico is zeer beperkt en goed beheersbaar door het naleven van de juiste preventiemaatregelen.

Men kan 3 groepen onderscheiden naar beroepsrisico en HIV:

•    Groep 1: Beroepsgroepen die nooit in contact komen met bloed of lichaamsvloeistoffen van andere personen: bureelbediende, loketbediende, postbode, magazijnier, kassierster, winkelier, psycholoog …

Binnen deze beroepsgroepen dienen geen specifieke voorzorgsmaatregelen genomen te worden. De dagelijkse hygiënemaatregelen en maatregelen eigen aan het beroep (zoals bijvoorbeeld in de voedselindustrie) zijn ruimschoots voldoende.

•    Groep 2: Beroepsgroepen die occasioneel in contact komen met bloed en lichaamsvloeistoffen en/of met scherpe voorwerpen: onderwijzers, kinderopvang, gevangenispersoneel …

Overdracht van HIV kan in deze beroepssituaties perfect beheerst worden door de gewone dagelijkse hygiënemaatregelen aangevuld met de universele maatregelen indien ze voor de beroepsgroep relevant zijn. Bij het uitwerken van concrete procedures dient men realistisch te blijven en correcte inschatting van het risico te maken om overbescherming te vermijden. Vermits binnen deze beroepsgroepen het bloedcontact meestal onverwacht is, zal preventie erop gericht zijn om het onverwachte mee in te calculeren. Het overgrote deel van de beroepscontacten van deze groep met seropositieve personen houden geen risico in en vragen geen voorzorgsmaatregelen.

•    Groep 3: Beroepsgroepen die veelvuldig in contact komen met bloed en lichaamsvochten, vaak in combinatie met scherpe voorwerpen: voornamelijk gezondheidswerkers (artsen, verpleegkundigen, tandartsen), personeel in begrafenisondernemingen, pedicures/podologen …

Binnen deze beroepsgroepen zal het consequent opvolgen van de universele preventiemaatregelen overdracht van HIV in de werksituatie beheersen. Belangrijk is dat deze maatregelen in protocollen beschikbaar worden gemaakt en vertaald worden naar elke werksituatie. Sommige werksituaties kunnen zeer specifieke toepassingen vragen. Bij het uitwerken van procedures dient men realistisch te blijven en een correcte risico-inschatting te maken om overbescherming of onderbescherming te vermijden. Een heel deel van de contacten met seropositieven houden geen risico in en behoeven geen extra maatregelen.

5 Meer informatie?

http://www.sensoa.be

logo steunpunt hoge resolutie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: