Hersenverlamming

Hersenverlamming

Algemene informatie rond hersenverlamming en de gevolgen van hersenverlamming in werksituaties. Waaraan moet je als werkgever denken als je een persoon met hersenverlamming in dienst neemt of in dienst wil houden? Een ideaal dossier om wegwijs te raken in deze arbeidshandicap die zich vooral uit op motorisch vlak maar vaak foutief wordt geassocieerd met een verstandelijke handicap…

 INHOUD

1 ENKELE algemeenheden

11 Wat is hersenverlamming?   

12 Wat zijn de oorzaken?   

13 Wat zijn de gevolgen?   

2 Gevolgen in werksituaties en oplossingen 

21 Persoonlijk functioneren   

22 Communiceren   

23 Sociaal Functioneren   

24 Uitvoeren van werkzaamheden   

25 Werken op bepaalde tijden   
   
26 Mobiliteit   

27 Toegankelijkheid van gebouwen en werkomgeving   

3 Nog wat aandachtspunten

31  De relatie tussen werkgever en werknemer  

32 De sollicitatieprocedure   

33 De vragen   

4 Negen gouden tips voor werkgevers

5 Nuttige links   

6 Bronnen

1 ENKELE algemeenheden

11 Wat is hersenverlamming?  

‘Hersenverlamming’  is de bij ons meest gebruikte term voor een hersenletsel dat ontstond voor, tijdens of kort na de geboorte.  Wanneer het hersenletsel op latere leeftijd ontstaat, spreekt men van een Niet Aangeboren Hersenletsel (NAH, voor meer informatie zie dossier NAH).
Andere benamingen voor hersenverlamming zijn: bewegingsstoornis, infantiele encefalopatie (IE), cerebrale parese (CP) of in het Engels cerebral palsy en in het Frans ‘infirmité motrice cérébrale’. Vaak wordt in de dagelijkse omgangstaal het woord ‘spasticiteit’ gebruikt. Nochtans is spasticiteit slechts een onderdeel van het ziektebeeld. Vaak komt de spasticiteit niet of slechts zeer miniem voor.

12 Wat zijn de oorzaken?

Er zijn vele oorzaken van het ziektebeeld. Naargelang het tijdstip waarop de beschadiging gebeurt, spreekt men van pre- (= voor de geboorte), peri- (= rond de geboorte) of post- (= na de bevalling) natale factoren. Hersenverlamming doet zich voor bij circa twee op duizend geboorten.
Doorgaans wordt als oorzaak vernoemd: een zuurstofgebrek in de periode rond de geboorte, maar de hersenbeschadiging kan ook een gevolg zijn van afwijkingen tijdens de ontwikkeling van de foetus in de baarmoeder.

13 Wat zijn de gevolgen?

De gevolgen van dit hersenletsel kunnen zijn: stoornissen in de motoriek en/of veranderingen van intellect, karakter, spraak-, gezichts- en gehoorvermogen. In tegenstelling tot andere aandoeningen van het motorisch systeem zijn de verschijnselen bij hersenverlamming niet progressief, zodat in veel gevallen allerlei vormen van behandeling met succes toegepast kunnen worden.
De specifieke beschadiging is blijvend omdat een vernietigde hersencel nooit terug aangroeit. Dit wil echter niet zeggen dat deze toestand  onveranderlijk is, omdat hetzelfde letsel bij de evoluerende motoriek van baby naar peuter en kleuter er anders kan uitzien.

De hersenverlamming heeft meestal een invloed op de ontwikkeling van de spieren en de beenderen. Soms zal er sprake zijn van een te lage spierspanning (hypotonie). Meestal zal er echter sprake zijn van een progressieve toename van ongecontroleerde spanning in de spieren (hypertonie en spasticiteit).

Deze toegenomen spanning is ervoor verantwoordelijk dat de betrokkene tijdens de groei moeilijkheden gaat ervaren met het stappen en progressieve vervorming kan gaan vertonen van de beenderen naarmate zij groeien.

De invloed die een hersenverlamming uitoefent op een persoon, verschilt van persoon tot persoon. De graad en de ernst zijn op een andere manier over het lichaam verdeeld. Bij sommige mensen beperkt de aandoening zich tot één lichaamshelft (Hemiplegie), bij anderen tot de beide lichaamshelften doch de bovenste ledematen meer dan de onderste (dubbele Hemiplegie), nog andere meer ter hoogte van de onderste dan de bovenste ledematen (Diplegie). Tenslotte bestaat een groep waarbij de vier ledematen vrijwel even sterk zijn aangedaan (Quadriplegie).

2 Gevolgen in werksituaties en oplossingen 

Hersenverlamming heeft gevolgen voor de uitvoering van werkzaamheden. Hieronder worden mogelijke problemen en oplossingen behandeld:

21 Persoonlijk functioneren   

 Probleem

Dit verschilt van persoon tot persoon, naargelang de graad, de ernst (hemiplegie, dubbele hemiplegie, diplegie, quadriplegie,… Met de verstandelijke vermogens van mensen met hersenverlamming is er vaak helemaal niets mis, zodat er wat betreft aandacht, concentratie en inzicht geen problemen zullen zijn. In het andere geval kan de problematiek ruimer zijn dan het zuiver locomotorische  en kan er sprake zijn van veranderingen van intellect, karakter, spraak-, gezichts- en gehoorvermogen.  Hetgeen een invloed heeft op de informatieverwerking

Omwille van de motorische beperkingen zoals spasticiteit of zwakkere kracht in armen en handen is er aandacht nodig voor volgende belangrijke punten:

•    Taakuitvoering;

•    tempo;

•    zelfstandigheid.

Overbelasting komt vaak voor.

Oplossingen

Door training kan de werknemer met hersenverlamming een basisbelastbaarheid bereiken, maar dat alleen is niet voldoende. Voor de taakuitvoering, tempo en zelfstandigheid moeten oplossingen gezocht worden in compensatiestrategieën.

Met een goede planning van het werk kan je al veel bereiken, bijvoorbeeld door aandacht te besteden aan:

•    de volgorde van taken;

•    de combinatie van de taken;

•    een goede tijdsindeling.

Voor werknemers met hersenverlamming zijn zelfstandigheid en zelfredzaamheid erg belangrijk. Naargelang de aard van de handicap zal de werknemer met hersenverlamming gebruik maken van hulpmiddelen en/of een gewone of elektronische rolstoel. Dit heeft dan weer een invloed op de mate waarin er aanpassingen zullen moeten gebeuren aan de werkomgeving.

22 Communiceren

Probleem

Op het vlak van de communicatie kunnen er problemen zijn qua:

•    spreken: heel wat mensen met hersenverlamming hebben problemen bij het spreken. Vooral het verstaanbaar praten is soms een probleem. In lawaaierige ruimtes geldt dit des te meer;

•    schrijven: dit kan een probleem zijn omwille van de spasticiteit en/of beperkte handfunctie;

•    lezen: fysieke beperkingen kunnen ervoor zorgen dat lezen moeilijker zal gaan.

Oplossingen

Voor elk probleem is er wel een oplossing. Meer informatie vind je ongetwijfeld in het dossier ‘Arbeidsgereedschap’ op onze website:

•    spreken: hoe beter je de persoon met een hersenverlamming leert kennen, hoe beter je hem leert verstaan. Voor omstanders vergt dit enige luisterbereidheid. Voor mensen met heel erge spraakproblemen bestaan er allerlei hulpmiddelen;

•    schrijven: voor schrijfproblemen bestaat er een heel scala van hulpmidden en oplossingen van een aangepaste pen tot lasertoepassingen en allerhande ICT-toepassingen, bijvoorbeeld spraaktechnologie;

•    lezen: voor leesproblemen bestaan er ook hulpmiddelen die bladzijden van boeken automatisch omslaan in het gewenste leestempo en ICT.

23 Sociaal Functioneren

Probleem

Het sociaal functioneren op de werkvloer heeft te maken met:

•    omgaan met collega’s en leidinggevenden;

•    omgaan met klanten;

•    sociale omgang tijdens het werk.

Buiten problemen met verstaanbaarheid heeft de werknemer met een hersenverlamming geen problemen in de omgang met collega’s en leidinggevenden. Het is alleszins niet handicap gerelateerd.

De  stoornissen in de informatieverwerking, kunnen inhouden dat de werknemer moeite heeft met het verwerken van veel informatie of een te hoog tempo van informatie. Dit heeft ook een invloed op het sociaal functioneren en de sociale omgang met collega’s en klanten.

Sommige werknemers met hersenverlamming zijn gevoelig voor de werksfeer, zeker in een drukke (voor hen “chaotische”) werkomgeving. Maar voor hetzelfde geld stellen zich hier geen problemen. Vaak blijkt trouwens dat de aanwerving van een persoon met een beperking leidt tot meer interactie tussen collega’s.

Indien de werknemer zich buiten het bedrijf moet begeven voor bijvoorbeeld contacten met klanten of relaties bestaat de mogelijkheid dat hij de klant of relatie niet kan bezoeken vanwege de ontoegankelijkheid van het gebouw.

Oplossingen

Indien er sprake moest zijn van stoornissen in de informatieverwerking, waardoor de werknemer moeite heeft met het verwerken van veel informatie ineens, kan je hiermee rekening houden door hoeveelheid en snelheid van informatie aan te passen.

Het is nuttig om regelmatig tijdens informele of formele momenten extra uitleg te verschaffen rond hersenverlamming bij de andere collega’s. Dit zal vlugger het nodige begrip oproepen bij hen.
Als een werknemer bij een klant op bezoek gaat, is het aan te bevelen om deze van tevoren op de hoogte te stellen van het feit dat de werknemer een rolstoel gebruikt. De mogelijkheid bestaat dat de werknemer de klant of relatie niet kan bezoeken vanwege de ontoegankelijkheid van het gebouw. Het is vaak een kwestie van dit op voorhand na te gaan en een toegankelijke locatie te kiezen.
Toegankelijkheid betekent ook dat het gebouw een aangepast toilet heeft. Een werkgever houdt hier ook best rekening mee bij het organiseren van een borrel na het werk of het jaarlijkse uitstapje,…

24 Uitvoeren van werkzaamheden

Probleem

Een volledige opsomming over ‘waar problemen kunnen optreden’ geven is vrijwel onmogelijk. Elke handicap is anders. Er bestaan belangrijke verschillen. De werknemer met hersenverlamming kan al dan niet in een rolstoel zitten en al dan niet in meerdere of mindere mate problemen hebben met de grove en/of fijne motoriek.

Volgende aspecten zijn echter vaak van toepassing:

•    gebruiken van de handen

•    machines bedienen;

•    computer bedienen;

•    apparaten bedienen;

•    telefoon gebruiken;

•    reiken, duwen en trekken van voorwerpen;

•    tillen van voorwerpen;

•    veranderen van een bepaalde lichaamshouding;

•    langdurig zitten tijdens het werk;

•    langdurig staan tijdens het werk.

Het tillen en verplaatsen van voorwerpen, groot of zwaar of allerlei losse zaken moet vaak zittend gebeuren. Dus voorwerpen moeten niet te hoog en niet te laag liggen om er goed bij te kunnen. Dat geldt zeker voor rolstoelgebruikers.

Het bedienen van een gewone PC kan een probleem zijn voor mensen met hersenverlamming omwille van een beperkte fijne motoriek.

Voor sommige mensen met hersenverlamming in een rolstoel is het moeilijk en onverantwoord om acht uur onafgebroken bezig te zijn met het uitvoerende werk in constant dezelfde zittende houding, want zij kunnen na een paar uur werken niet even “de benen strekken”, “even een rondje lopen” of een andere houding aannemen.

Oplossingen

•    rustpauze inlassen: sommige werknemers met hersenverlamming hebben om optimaal te functioneren regelmatig een rustpauze nodig. Hoe vaak en wanneer is afhankelijk van de persoon;

•    werktijden bepalen: bepaal werktijden overeenkomstig iemands fysieke belasting. Vaak is 3 uur aan één stuk zitten het maximum. Daarna moet de werknemer de kans krijgen om gedurende 20 à 30 minuten een andere houding aan te nemen. Hiervoor zijn meerdere oplossingen, zoals een sta-rolstoel, een sta-hulp of een rustkamer met een bed, waarop iemand even op de zij kan liggen.

•    Juiste hoogte van voorwerpen: rolstoelgebruikers en andere werknemers die problemen hebben met het tillen en verplaatsen van voorwerpen kan je helpen door voorwerpen niet te hoog en niet te laag te plaatsen.

•    Aangepast arbeidsgereedschap: voor ICT-toepassingen, PC ’s bestaan er ook allerhande aanpassingen, zoals een aangepast toetsenbord, een aangepaste muis …

25 Werken op bepaalde tijden

Probleem

Het aantal werkuren per dag of per week en andere factoren die te maken hebben met de werktijden kunnen van belang zijn. Eventueel kan er sprake zijn van een mentale belasting, maar waarschijnlijk zullen problemen in relatie met de werktijden eerder van fysiek aard zijn.
Welke fysieke belasting kan de werknemer met een hersenletsel aan? Voor sommige mensen met hersenverlamming is het moeilijk en onverantwoord om acht uur onafgebroken bezig te zijn met het uitvoerende werk in één en dezelfde zittende houding. Een rolstoelgebruiker kan bijvoorbeeld na een paar uur werken niet even “de benen strekken”, “even een rondje lopen” of een andere houding aannemen.

Oplossingen

•    deeltijds werken;

•    regelmatige wisselen van de houding;

•    het inschakelen van een persoonlijke assistent;

•    momenten van werkonderbreking inlassen;

•    een rustmoment inlassen;

•    om uw werknemer optimaal te laten functioneren, kan het nodig zijn om hem/haar regelmatig rust te laten nemen (zie 2.4).

26  Mobiliteit

Probleem

Mobiliteit heeft te maken met:

•    verplaatsingen binnen en buiten;

•    het gebruik van trappen en vervoermiddelen;

•    de afstanden op de werkvloer en van en naar het werk die moeten afgelegd worden.

Veel mensen met hersenverlamming verplaatsen zich met een elektronische rolstoel. Dat betekent dat gangen en doorgangen drempelloos en ruim genoeg moeten zijn voor een elektronische rolstoel. Rolstoelgebruikers kunnen meestal niet traplopen. Indien de werknemer zich naar een andere verdieping moet verplaatsen, is een lift nodig.

Oplossingen

•    verplaatsingen binnen en buiten: vervoer is een essentieel punt. Wanneer de werknemer voor het werk moet reizen, kan dit eventueel met een aangepast voertuig of via het openbaar vervoer en taxi’s;

•    het gebruik van trappen en vervoermiddelen: de mobiliteit op de werkvloer is ook belangrijk. Allerhande gesubsidieerde aanpassingen zijn mogelijk;

•    afstanden op werkvloer en van en naar het werk: voor de verplaatsingen van en naar het werk en voor aanpassingen op de werkvloer bestaan er bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen (zie dossier Bijzondere TewerkstellingsOndersteunende Maatregelen).

27 Toegankelijkheid van gebouwen en werkomgeving

 Probleem

Toegankelijkheid heeft te maken met:

•    ligging ten opzichte van ontsluitingswegen;

•    bewegwijzering;

•    parkeren in de buurt van de entree;

•    bestrating en verlichting;

•    obstakels in de verplaatsingsroute, zoals trappen, stoepen of  drempels;

•    type deur (draaideur, tourniquetdeur, schuifdeur);

•    obstakels als deurdrangers;

•    bereikbaarheid van bel, intercom, postbus;

•    route tot ontvangst of receptie;

•    doorgangen, gangen, toiletten;

•    kantoren, apparaten, machines;

•    vluchtwegen.

Het beleven, het ervaren van een handicap in een slecht aangepaste omgeving is totaal anders dan in een goed aangepaste omgeving. De mate van iemands handicap wordt sterk beïnvloed door de omstandigheden en dus ook de werkomgeving.

Het kunnen binnengaan in een gebouw, betekent nog niet dat het toegankelijk is. Een gebouw is pas volledig toegankelijk wanneer het aangepast is aan alle handicaps en wanneer je op eigen kracht met een rolstoel overal kan geraken, maar dat is natuurlijk niet altijd mogelijk.

Voor de werknemer met hersenverlamming die in een rolstoel zit, zijn alle elementen van toegankelijkheid van toepassing. Gangen kunnen geblokkeerd zijn, een gebouw kan meerdere verdiepingen hebben maar geen liften, de bel of de lichtknoppen zitten te hoog en de vluchtweg is alleen geschikt voor mensen die kunnen lopen.

Oplossingen

Als een werknemer met hersenverlamming in dienst wordt genomen, kan de werkgever daar op inspelen door met een aantal aspecten rekeningen te houden.

Meestal komt de werkgever of de werknemer met hersenverlamming zelf, in aanmerking voor de bijzondere tewerkstellingsondersteunende maatregelen (zie gelijknamig dossier ‘BTOM’s’) waardoor de werkgever en/of de werknemer recht hebben op financiële tegemoetkomingen voor aanpassingen en hulpmiddelen.

3 Nog wat aandachtspunten

31 De relatie tussen werkgever en werknemer

Wanneer iemand voor de eerste keer een persoon met een hersenverlamming ontmoet, voelt hij zich vaak ongemakkelijk. Het is algemeen bekend dat mensen een eerste keer niet goed weten wat te zeggen en wat te doen, wat te ondersteunen en wat niet. Het meest simpele is gewoon over datgene gaan praten waar het over gaat.

Zo zal de ongemakkelijkheid verdwijnen omdat er gewoon een gesprek wordt gevoerd, zoals dat met iedereen gevoerd wordt. Mocht die persoon iets willen dat hij zelf niet kan, dan zal hij dat ook zelf aangeven. Een werkgever of een collega hoeft zich in die zin niet af te vragen of hij de persoon een kopje moet aangeven of de suikerpot moet doorgeven.

32 De sollicitatieprocedure

Een werkgever contacteert jou als consulent: onder de sollicitanten bevindt zich iemand met hersenverlamming, wat nu?

Afhankelijk van diegene die solliciteert, weet de werkgever dit in een vroeg stadium, tijdens de schriftelijke sollicitaties of in een laat stadium, op het moment dat de sollicitant de kamer binnenkomt. Het is in ieder geval van belang dat hij de consequenties van de hersenverlamming van zijn kandidaat zo goed mogelijk overziet. De werkgever kan geen navraag doen naar de medische aspecten, maar wel naar de functionele aspecten.

Volgend overzicht kan u aan de werkgever geven als belangrijke aandachtspunten voor een gesprek over de impact van hersenverlamming op de werksituatie.

Het betreft:

• op het vlak van het uitvoeren van de werkzaamheden;

• op het vlak van de werkomgeving;

• aandachtspunten op het persoonlijk vlak.

Een aantal van deze aspecten zullen niet meteen in een eerste gesprek ter sprake komen maar in een tweede gesprek of wellicht pas bij de aanwerving. Van belang is dat u volgende tips ziet als een leidraad voor het gesprek tussen de werkgever en de toekomstige werknemer.

Indien de werkgever op de hoogte is van het feit dat de sollicitant hersenverlamming heeft, kan hij overwegen de kandidaat deze vragenlijst van tevoren te geven zodat deze zich even structureel als de werkgever kan voorbereiden op het gesprek.

Laat de werkgever ook nadenken over volgende vraag: wat zijn positieve kanten bij het aanwerven van deze kandidaat?

Het lijkt een vreemde vraag. Toch verdient de beantwoording ervan een plek. Het is immers de ervaring van veel werkgevers dat het in dienst nemen of hebben van mensen met een functiebeperking een positief effect heeft op de zienswijze en handelwijze van het overige personeel en klanten.

Hieraan levert een werknemer met hersenverlamming zeker ook een bijdrage. Het betreft namelijk bijna altijd jonge enthousiaste doorzetters die in sociaal opzicht het nodige te bieden hebben.
Door het hebben van iemand met hersenverlamming in hun midden kunnen collega’s begrippen als ziekte, gebrek en handicap vaak beter relativeren. Er gaat dus een soort maatschappelijk effect van uit, wat een positief resultaat heeft.

33 De vragen

De uitvoering van werkzaamheden

De meest belangrijke en relevante vraag is de volgende:

Is het feit dat de sollicitant hersenverlamming heeft relevant voor de functie? Indien dit het geval is, kunnen de volgende punten de werkgever wellicht helpen om een beeld te krijgen op welke punten hulpmiddelen, aanpassingen of voorzieningen nodig zijn.

•    Kan de kandidaat zelf aangeven welke hulpmiddelen, aanpassingen of voorzieningen nodig zijn voor de beoogde functie?

•    Kan de kandidaat zelf goed aangeven waar mogelijkheden en beperkingen liggen voor een goede afwisseling van belasting en belastbaarheid?

•    Heeft de kandidaat hulp, persoonlijke ondersteuning of hand- en spandiensten nodig?
Op meer gedetailleerd niveau kan de werkgever denken aan de volgende aspecten die mogelijk behoren bij de uitvoering van de werkzaamheden:

Behoort het tot de functie om:

•    frequent gebruik te maken van opbergruimten, zoals dossierkasten, archieven, kantoorkasten?
Zo ja, moeten er dan hoogteverschillen worden overbrugd, bijvoorbeeld hoge planken of kasten?

•    frequent gebruik te maken van kantoorapparaten en machines? Zo ja, is hiervoor een aanpassing van de bediening nodig?

•    grote, zware of grotere hoeveelheden voorwerpen te verplaatsen? Zo ja, is het feit dat dit zittend moet problematisch of is het oplosbaar?

De werkindeling

Wat betreft de werkindeling, gelden er de volgende aandachtspunten.

•    Is het werk volgens de werkgever met planning, werkindeling en flexibele werktijden te organiseren?

•     Laat de functie het toe een aangepaste tijdindeling te maken, waarbij na enkele uren werken van houding wordt veranderd?

•     Is het denkbaar om deels thuis te werken?

•     Is het denkbaar dat de werkdag wordt onderbroken door een rust- of verzorgingsmoment, bijvoorbeeld een half uurtje op de zij kunnen liggen (ter voorkoming van decubitus ) ná de lunchpauze?

•     Kunnen door de aanpassingen mogelijk problemen ontstaan naar collega’s of andere werknemers?

Het gebruik van handen en armen

Ten aanzien van het gebruik van handen en armen is het van belang om een beeld te hebben van de gevolgen die de hersenverlamming heeft. We geven u enkele aandachtspunten.

•    Heeft de kandidaat moeite met het bedienen van PC, apparaten, machines of communicatieapparatuur?

•     Heeft hij hulpmiddelen of aanpassingen nodig voor de bereikbaarheid en/of bediening van dit soort apparaten?

De werkomgeving

Wanneer de werknemer geheel of gedeeltelijk in een rolstoel zit, is het evident dat dit gevolgen heeft voor de werkomgeving van deze kandidaat. Om een beeld te krijgen van de gevolgen van de hersenverlamming voor de omgeving kan de werkgever gebruik maken van de volgende vragen.
•    Zijn er aanpassingen nodig om een werkplek geschikt te maken, zoals een aangepast bureau of een speciale bureaustoel?

•     Zijn er aanpassingen nodig vanwege mogelijke last van warmte of koude of     wisselingen daarin?

•     Is er een werkplek te organiseren op de begane grond of een werkplek die bereikbaar is via een lift?
•     Moet de kandidaat voor de functie regelmatig reizen, en zo ja zijn hiervoor speciale voorzieningen nodig?

•     Zijn er voorzieningen nodig om gebruik te maken van bedrijfsrestaurant of kantine?

•     Kan de kandidaat het gebouw zelfstandig, zonder hulp door anderen binnenkomen?

•     Zijn de vluchtwegen te gebruiken door deze kandidaat?

•     Heeft de kandidaat zelf reeds een idee van de bouwkundige voorzieningen en aanpassingen die nodig zijn om te kunnen werken?

Op persoonlijk vlak

Aandachtspunten op het persoonlijk vlak hebben voornamelijk betrekking op de voorzieningen die nodig zijn om de kandidaat gewoon te laten functioneren op de werkplek. De volgende vragen kan de werkgever wellicht stellen om een eerste beeld te krijgen van de persoonlijke verzorging van de kandidaat.

•     Zijn er voorzieningen nodig om van het toilet gebruik te kunnen maken?

•     Is een rustkamer wenselijk of bestaat hiervoor tevens een (medische) noodzaak?

•     Heeft de kandidaat persoonlijke hulp nodig bij zorgtaken of ADL taken? Zo ja, heeft de kandidaat zelf een idee hoe dit te organiseren?

•     Een rolstoel is het verlengde van het lichaam van de werknemer. Hang of leun daarom nooit op of over de rolstoel.

•     Duw een rolstoel alleen wanneer de werknemer hierom vraagt of aangeeft hulp nodig te hebben. Vraag altijd naar de wijze waarop het best hulp geboden kan worden.

• Spreek de werknemer in de rolstoel direct aan wanneer u iets vragen of zeggen wil.

• Spreek niet over het hoofd van de werknemer een begeleider of duwer aan, alsof de werknemer niet bestaat.

• Als een gesprek langer dan een paar minuutjes duurt, overweeg dan te knielen of te zitten, zodat u op ooghoogte kunt spreken.

• Misbruik nooit uw lengte om overwicht te creëren. Klop nooit iemand – wellicht goed bedoeld – op het hoofd.

• Stel gerust vragen over bijvoorbeeld de rolstoel of over hulpmiddelen. Het helpt vaak bij een open communicatie en draagt bij tot een positieve attitude.

• Iedereen verspreekt zich wel eens. Zinnen als: “Hebben jullie flink gewandeld?” behoren tot het normale taalgebruik en de werknemer in een rolstoel stoort zich helemaal niet hieraan. Beter communiceren met dergelijke ‘foutjes’ dan niet communiceren.

• Ga er niet vanuit dat rolstoelgebruik op zichzelf een tragedie is. De werknemer in een rolstoel is niet zielig. Rolstoelgebruik is een uiting van mobiliteit en onafhankelijkheid.

Samenwerken met collega’s aan werktaken

•  Overleg voeren met één collega of in groepsverband;

•  Deelnemen aan bijeenkomsten;

•  Ook het begrijpen van boodschappen en symbolen en het begrijpen en toepassen van gebruiksaanwijzingen en werkaanduidingen valt hieronder, dit zijn ook vormen van communicatie.
Communicatie is een heel relevant onderwerp voor mensen met hersenverlamming. Zowel omwille van zintuiglijke als motorische aspecten. Sociaal communicatieve aspecten kunnen ook een invloed hebben… Om de samenwerking en communicatie met mensen met hersenverlamming goed te kunnen laten verlopen, kan enige kennis van nut zijn.

ADL of Activiteiten van het Dagelijks leven:

•    gebruik maken van het toilet: op de werkplek is het altijd noodzakelijk om te beschikken over een geschikt aangepast toilet, toegankelijk voor iemand met een rolstoel. Dit is bij voorkeur een individueel toilet. De werknemer kan precies aangeven welke aanpassingen nodig zijn.

•    verzorging en keuze van kleding: wanneer het bedrijf gebruik maakt van bedrijfskleding kan deze goed worden aangepast, de werknemer hoeft dan geen uitzonderingspositie in te nemen.

•    zorg voor de eigen gezondheid: het aspect zorg voor de gezondheid verdient veel aandacht. Zeker voor jonge mensen die zich voor de werkgever willen bewijzen en geneigd zijn zich te overbelasten of te veel van hun lichaam te vragen. Ze zitten vaak te lang achtereen en ze schenken onvoldoende aandacht aan hun huid. De gevolgen hiervan kunnen heel naar zijn, denk aan decubitus.

4 Negen gouden tips voor werknemers

Hier volgen tien gouden tips voor werkgevers om iemand met hersenverlamming in dienst te nemen of te houden.

1 open communicatie;

2 informeer je over de handicap van de werknemer. Dit kan je doen via je bedrijfarts;

3 als iemand hersenverlamming heeft, betekent dit niet dat hij niet meer kan werken. Er zijn manieren om eventuele beperkingen te compenseren. Veel personen met hersenverlamming, ook mensen met zware beperkingen, kunnen een job uitoefenen;

4 de bedrijfsarts heeft een essentiële rol bij het in overeenstemming brengen van jobeisen en beperkingen van werknemers met hersenverlamming;

5 het organiseren van de werkbelasting via het stellen van prioriteiten en het aanhouden van een gematigd tempo is aan te bevelen;

6 de werkomgeving moet zo worden aangepast dat de fysieke belasting tot een minimum beperkt worden en dat de energie van de betrokken werknemer kan bewaard worden voor inhoudelijke werkopdrachten. Soms kunnen heel eenvoudige dingen al helpen, zoals bijvoorbeeld werkmateriaal binnen handbereik houden;

7 bouw tijdens het functioneringsgesprek een overlegmoment rond hersenverlamming in;

8 de werkgever maakt aan de persoon met hersenverlamming duidelijk dat hij zelf hulp moet vragen wanneer hij er nodig heeft en dat hij gerust kan reageren op bemoederende collega’s;

9 via de VDAB kan de werkgever tussenkomsten krijgen voor aanpassingen op de werkvloer en voor werknemers met verminderd rendement.

5 Nuttige links

GOB AZERTIE http://www.azertie.be

GOB AZERTIE is de nieuwe naamvoor CBO 29. Azertie is een centrum voor gespecialiseerde opleiding en begeleiding aan personen met een arbeidshandicap met als doel hen aan het werk te krijgen of te houden.

GOB GOCI http://www.goci.be

Een centrum voor gespecialiseerde opleiding en begeleiding aan personen met een arbeidshandicap met als doel hen aan het werk te krijgen of te houden. GOCI heeft een aanbod voor zowel werkzoekenden als werkenden. Aangezien elke cliënt een eigen profiel heeft, voorziet GOCI gepersonaliseerde begeleiding binnen een modulaire werking.

GOB De Kiem http://www.cbodekiem.be

Een centrum voor opleiding, begeleiding en bemiddeling van personen met een arbeidshandicap naar een geschikte job. De Kiem streeft ernaar om personen met een arbeidshandicap via arbeid te integreren in de maatschappij. Hierbij staan procesgerichte aanpak en individueel maatwerk centraal. Tegelijkertijd gaat er aandacht naar het sensibiliseren van werkgevers.

GTB (Gespecialiseerde Trajectbepalings- en Begeleidingsdienst): http://www.gtb-vlaanderen.be

De GTB-dienst begeleidt werkzoekenden met een arbeidshandicap via een intensief, planmatig en fasegewijs traject naar een plaats op de arbeidsmarkt. Bij het uitstippelen van dit traject wordt rekening gehouden met de individuele beperkingen en mogelijkheden. Naast de individuele begeleidingen heeft de GTB-dienst ook de opdracht om de werkgever te sensibiliseren, te begeleiden en te informeren over de tewerkstelling van personen met een handicap.

SEN http://www.senvzw.be

Het Steunpunt Expertisenetwerken (SEN) wil de deskundigheid van professionelen en diensten bevorderen inzake preventie, diagnose en (be)handeling met betrekking tot het functioneren van de personen met een handicap, die behoren tot volgende specifieke doelgroepen: personen met een niet aangeboren hersenletsel, personen met autisme, personen met een verstandelijke beperking en bijkomende gedragsproblemen.

Aan de slag http://www.aandeslag.be

Je krijgt via deze website een overzicht van alle tewerkstellingsmaatregelen die op dit moment geldig zijn, maar je kan ook gericht zoeken: vanuit de werknemer, vanuit de werkgever, op trefwoorden.
Bronnen:

•    http://www.werkenmeteenbeperking.nl.
•    http://home.scarlet.be/~frplass/html/hersenverlamming.html
•    http://www.vvoc.be/hersenverlamming.htm
•    http://www.ievzw.be

logo steunpunt hoge resolutie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: